32 wenken bij de samenstellen van het programma van eisen
1. Spreek tijdens oriëntatiebezoeken aan theaters en concertzalen met hun directeuren en chefs technische dienst, met regisseurs, decorontwerpers, musici, en architecten met ervaring in het bouwen van theaters.
2. Laat het programma van eisen samenstellen door een werkgroep waarin naast de opdrachtgever ook vaklieden op het gebied van muziek, theater, theatertechniek en architectuur zitting hebben. Indien in een te bouwen theater of concertzaal een vast gezelschap zal worden gevestigd, dient zowel de artistieke en de zakelijke leiding als de technische staf in de werkgroep te zijn vertegenwoordigd.
3. Denk bij het samenstellen van het programma van eisen aan de toekomst. Een theater leeft langer dan de samenstellers van het programma.
Zaal, toneelhuis en artiestenruimten
4. Bepaal en motiveer op grond van de gewenste bespeling en programmering de grootte en de functie van de zaal/zalen. Kies tussen een vaste of een variabele zaalindeling, motiveer de keuze en bepaal op grond hiervan het meest geschikte zaalmodel. Streef er naar de afstand tussen toneel en publiek niet te groot te maken.
5. Kies de gewenste akoestiek:
a. voor muziek
b. voor het gesproken woord
c. variabele akoestiek (mechanisch of electro-akoestisch)
6. Zorg bij een variabele zaalindeling voor hanteer- en snel opbergbare tribunes.
7. Kies de stoelen in overleg met de adviseur akoestiek, denk aan voldoende beenruimte.
8. Denk aan ruimte voor rolstoelplaatsen.
9. Besteed zorg aan het stoelenplan; maak geen paden ten koste van goede plaatsen.
10. Neem tijdig contact op met de brandweer over nooduitgangen en andere veiligheidsvoorschriften.
11. Bepaal omvang van de lichtinstallatie
12. Stel grootte en plaats van de licht-regiecabine vast. Zorg ook voor een goede plaats voor de regeltafel van het geluid.
Het publiek moet niet gehinderd worden.
13. Bepaal aantallen en soorten trekken.
14. Bepaal en motiveer de afmetingen van podium en van toneel plus zij- en achtertoneel. Bij theater ook kaphoogte/hoogte toneeltoren.
Maak de toneelopening variabel.
15. Denk aan opname-faciliteiten voor radio en televisie, plaats voor regiewagen, cameraopstelling, kabeldoorvoer
etc.
16. Motiveer en bepaal de afmetingen van een eventuele orkestbak met variabel niveau, bij voorkeur in overleg met een orkest dat met de orkestbak vertrouwd is.
17. Bepaal en motiveer de aantallen kleedplaatsen/kleedkamers/orkestgarderobes met toiletten, douches en warm en koud water. Zorg er voor dat het in deze ruimten aangenaam vertoeven is.
Maak kleedkamers bij voorkeur op podiumniveau, niet te ver daarvan verwijderd.
De artiestenfoyer dient ramen te hebben; artiestenruimten gescheiden houden van publiekruimten.
18. Een duidelijk aangegeven, makkelijk te vinden artiesteningang is noodzakelijk.
19. Bepaal afmetingen van de overdekte en afsluitbare laad- en losruimten.
Houd rekening met ingewikkelde manoeuvres van vrachtwagens met aanhanger.
20. Bepaal afmetingen van eventuele eigen productie- en repetitieruimten.
21. Zorg voor een aantal onbenoemde opslagruimten; die blijken later altijd nodig te zijn.
Publieks- en directieruimten
22. Bepaal grootte foyer(s) aan de hand van het aantal zaalstoelen.
Denk aan mogelijk gelijktijdig gebruik van verschillende zalen.
23. Denk aan liften voor ouderen en invaliden. Zij moeten theater en zaal zonder moeite kunnen bereiken.
24. Geef aan of de foyers gebruikt kunnen worden voor aanvullende activiteiten als tentoonstellingen, feesten, lezingen, vergaderingen enz. Zorg voor uitgiftebalies waar snel gewerkt kan worden.
25. Bepaal grootte en aantallen garderobes - bewaakt, onbewaakt of beide - en toiletgroepen. Denk aan invalidentoiletten. Let op een juiste verhouding tussen dames- en herentoiletten.
26. Bepaal grootte en plaats van de - veilige - kassaruimten, en/of informatiebalies.
27. Bepaal grootte van de ruimten voor directie en administratie.
28. Motiveer en bepaal aard en grootte van de café/restaurantvoorziening.
Kies uit exploitatiemogelijkheden horeca: eigen beheer of verpachting, zorg voor deskundige advies.
29. Bepaal grootte berg- en opslagruimten in het publieks/directie/horecagedeelte.
30. Zorg voor ruimten en opslagruimten voor de schoonmaakploeg.
31. Denk ook hier aan een aantal onbenoemde bergruimten.
32. Raam zeer tijdig de benodigde personeelsbezetting.
